Algemene Beschouwingen 1998

donderdag 17 september 1998 :: 14.16 uur

Bijdrage Algemene politieke beschouwingen
16 en 17 september 1998

Eerste termijn

De heer Marijnissen (SP): Mevrouw de voorzitter! De laatste weken wordt weer eens pijnlijk duidelijk wat de gevolgen zijn van het neoliberale denken en het marktfundamentalisme dat ermee gepaard gaat. Er is alom onzekerheid over de economische ontwikkeling. Beursindexen gaan dan eens omhoog en dan eens omlaag. Dat leidt tot grote zenuwachtigheid op die beurzen. Het vrije en ongecontroleerde kapitaalverkeer doet nog eens een extra duit in het ongewisse zakje. De euforie over het financiële marktmechanisme dat rozengeur en maneschijn beloofde, verstomt. Inmiddels heeft Maleisië een eind gemaakt aan het vrije kapitaalverkeer. Er gaan steeds meer stemmen op om regulerend op te treden tegenover de financiële speculanten, nu ook in Hongkong. In Frankrijk hebben Jospin en Chirac opgeroepen tot restricties voor het hijgerige kapitaalverkeer. De ernst van de crisis in Azië biedt ons de kans om de liberale clichés te slopen die al zo lang doctrine zijn, zegt de sociaal-democratische minister van financiën in Frankrijk, Dominique Strauss-Kahn. De bekende Duitse sociaal-democraat en ex-bondskanselier Helmut Schmidt hield in de Volkskrant van afgelopen zaterdag een pleidooi om het roofdierkapitalisme te temmen. Zelfs in de boezem van het IMF en de Wereldbank zijn tegenwoordig geluiden te horen die pleiten voor het beperken van de vrijheid van de wereldwijde geldstromen. Ik heb niet voor niets sociaal-democraten uit Frankrijk en Duitsland aangehaald. Graag verneem ik van de minister-president wat zijn standpunt is in dezen en of hij van plan is het Franse standpunt te steunen.
Geïnspireerd door het idee van oud-Nobelprijswinnaar Tobin heb ik al eens een pleidooi gehouden voor een belasting op kapitaaltransacties, als rem op de speculaties met wat tegenwoordig flitskapitaal heet. Zelfs een minimale taks van om en nabij 0,5% zou op wereldschaal jaarlijks een bedrag van 1000 mld. dollar kunnen opbrengen, waarmee de strijd tegen de noden op de wereld een echte impuls gegeven zou kunnen worden. Dat pleidooi wil ik vandaag graag herhalen. Om met Helmut Schmidt te spreken, 6 miljard mensen zijn belangrijker dan de buitensporige vrijheid van enkele tienduizenden handelaren en managers die zich uitleven op de geldmarkt.
Terug naar huis, hoewel de wereld ons thuis is. Vorige week waarschuwde de secretaris-generaal van EZ, Sweder van Wijnbergen, dat wij hier niet veilig zijn voor het crisisspook dat rondwaart door de wereld. Wij hoeven geen paniek te maken om dat toch serieus onder ogen te zien. De logica van het kapitalisme is altijd geweest dat er na een aantal vette topjaren ook een aantal mindere jaren komen. De zorgeloze zelfgenoegzaamheid die de houding van velen buiten deze Kamer ook nu nog kenmerkt, doet mij daarom denken aan die ene kalkoen die aan de vooravond van Kerstmis tegen de andere zegt: wij hebben het nog nooit zo goed gehad. Denkend aan die arme jaren komt onmiddellijk de spijt over de vele weggegooide miljarden, in de vorm van algemene lastenverlichting voor de bedrijven, terwijl zij dat geld absoluut niet nodig hadden. Zij hadden immers winstcijfers als nooit tevoren? Het geld voor die lastenverlichting werd onder andere gehaald bij de sociale zekerheid, die de mensen bij een nieuwe recessie onmiddellijk zullen missen. Vorig jaar beloofde het kabinet dat vrijwel alle inkomensgroepen er in 1998 en dit jaar op vooruit zouden gaan. Dit jaar doet het kabinet zo’n belofte niet. Het kabinet spreekt in de Miljoenennota voor het komend jaar alleen over een rechtvaardige en evenwichtige inkomensverdeling. Dat klinkt heel mooi, dat geef ik toe, maar wat betekent dat nu? Opnieuw moeten de werknemers volgens het kabinet de lonen matigen, en het minimumloon en de daaraan gekoppelde uitkeringen worden niet extra verhoogd. Wat te denken van de achterstand van de sociale uitkeringen ten opzichte van het netto modale inkomen? Volgens het rapport van het Sociaal en cultureel planbureau over 1996 beloopt die achterstand inmiddels 20%. Mijn vraag aan de minister-president is dan ook wat het kabinet aan die achterstand gaat doen. Wil het kabinet die achterstand wegwerken? Zo ja, wanneer kunnen wij dat dan bereiken? Wat gaat dit kabinet sowieso doen aan de armoede? Naar de mening van de SP-fractie is er nog steeds geen sprake van een structurele aanpak. Er komt een nieuwe belastingschijf via een knip in de eerste schijf, maar die geldt voor iedereen, behalve nu net weer voor die 1,2 miljoen mensen die geen belasting betalen. De heer De Hoop Scheffer zei het al eerder vandaag. Als ik goed ben geïnformeerd, gaat de helft van wat de mensen daarvoor netto in het zakje krijgen ook weer verloren aan compensatie voor de verhoogde ecotaks. Ook de 175 mln. – overigens, mag ik erop wijzen, goed voor twee Mondriaans en niet meer – die uitgetrokken wordt voor de bijzondere bijstand, de huursubsidie, voor de tegemoetkoming in de studiekosten en voor de chronisch zieken is geen echte armoedemaatregel. Het hangt er immers maar van af of je er recht op hebt en of je er een beroep op wilt doen. Bovendien is 175 mln. op 1 miljoen huishoudens die op of onder het sociaal minimum leven, gemiddeld, zegge en schrijven, ƒ 175 per jaar per huishouden. Dat kan ik nog wel uitrekenen. Met mijn zakjapannertje heb ik uitgerekend dat dit ƒ 3,36 per week is. Armoede in de steden kennen wij al langer, maar nu krijgen wij ook steeds meer te maken met schrijnende armoede op het platteland, mede als gevolg van het kabinetsbeleid. Wat denkt de regering daaraan te gaan doen? Voor de SP-fractie is armoede in ieder geval een rechtstreeks gevolg van een structureel te laag inkomen. Daar zal dus op de eerste plaats iets aan gedaan moeten worden. Het wettelijk minimumloon moet daarom fors worden verhoogd, om te beginnen met 5%. Dat pleidooi is niet nieuw; dat houd ik hier al jaren. Mijn vraag is nog steeds waarom het geld niet gehaald wordt waar het zit. Als 5% van de huishoudens een vermogen van 500 mld. bezit, dan moet daar toch wel wat te vinden zijn, zou je zeggen. Ons motto is dan ook: laten wij het halen bij de zalmeters en het geven aan de aardappeleters. Nog steeds wordt er niets gedaan – ook niet als het aan de PvdA-fractie ligt, hebben wij vandaag kunnen horen – aan de onbeperkte hypotheekrenteaftrek. Elke oprisping vanuit die partij wordt kordaat door de premier de kop ingedrukt, zoals wij de afgelopen week weer hebben kunnen horen. Maar wat is dan de reactie van de minister-president op het advies van de Raad van State? Daar zitten toch niet bepaald linkse rakkers, dacht ik. De Raad van State pleit ook voor een, zij het geleidelijke, aanpak van de volledige aftrekbaarheid. Een groot deel van de voorgenomen bezuinigingen moet uit ingrepen in de sociale zekerheid komen.
Het kabinet heeft onder andere het oog laten vallen op de ouderen. Met een fraai eufemisme zegt het kabinet dat ”de voorwaarden gecreëerd zullen worden, waardoor het voor ouderen aantrekkelijk en mogelijk wordt te blijven werken”. Dat klinkt mooi, maar het kabinet verschaft zich tegelijkertijd de middelen om op dezelfde ouderen de nodige druk uit te oefenen. Zo zal in het kader van de WW het fictieve arbeidsverleden, dat kon teruggaan tot 18 jaar of daaromtrent, worden vervangen door het feitelijke arbeidsverleden en zullen er aanpassingen komen, zodat ”wanneer ouderen in de WW komen, zij te maken krijgen met een financiële terugval”. Ik vraag de minister-president wat hier precies mee bedoeld wordt. Het is terug te vinden op pagina 32 in de Miljoenen-nota. Verder wil het kabinet weer een sollicitatieplicht invoeren voor mensen ouder dan 57,5 jaar. Graag wil ik van de minister-president weten hoe hij in dit verband aankijkt tegen het door met name de heer Bolkestein bepleite fenomeen van de demotie. Verder moeten de WAO’ers het weer ontgelden. Er komen weer meer herkeuringen. Dat zal opnieuw grote onrust veroorzaken. Kan de minister-president eens uitleggen waarom de frequentie van die keuringen moet worden opgevoerd? Hangt dat misschien samen met de ingeboekte besparing van 500 mln. op de WAO en de Ziektewet? En dan de Ziektewet zelf. Het ziekteverzuim neemt weer toe. Wij hebben selectie op gezondheid en leeftijd aan de poort. De Wet op de medische keuringen wordt omzeild. Er wordt druk uitgeoefend op werknemers om ondanks ziekte te blijven doorwerken of eerder het werk te hervatten. Er wordt gedreigd met ontslag bij veelvuldig ziekteverzuim. De speciale klachtenlijn van de FNV legde bloot dat de Arbo-diensten hun oren vooral laten hangen naar de werkgevers en dat zij zich ook door die werkgevers onder druk gezet voelen. Uit het rapport van MKB Nederland van vorige week blijkt dat 80% van de ondernemers in het midden- en kleinbedrijf herinvoering wil van een collectieve verzekering. Mijn vraag aan de minister-president is dan ook of het geen tijd wordt om die privatisering weer eens ongedaan te maken. Sprekend over de Ziektewet, ik kreeg zojuist een artikel uit het Financieel Dagblad van vandaag onder ogen, waarin de staatssecretaris, nota bene van emancipatiezaken, een opmerking maakt over zwangere vrouwen en de Ziektewet, en ik wil toch graag een reactie van de minister-president daarop horen. Ik lees voor wat in dat artikel staat: ”Staatssecretaris Verstand van Sociale Zaken haalt het bevallings- en zwangerschapsverlof uit de Ziektewet. Het is geen ziekte” – dat wisten wij allemaal natuurlijk; men zegt meestal dat het een gezonde ziekte is – ”zegt de bewindsvrouw in een toelichting op haar begrotingsbrief emancipatiebeleid 1999. Verstand weet nog niet precies hoe zij haar plan gaat uitwerken”. Ik wil graag van de minister-president weten of hij deze opvatting deelt en of het niet raar is dat een bewindspersoon zo’n schot voor de boeg plaatst zonder dat precies duidelijk is hoe zij zulks denkt te realiseren.
Mevrouw de voorzitter! De SP-fractie ziet helemaal niets in de plannen van het kabinet tot privatisering van de uitvoering van de sociale wetten. Wij praten hier over wetten die gebaseerd zijn op solidariteit. Uitvoering van die wetten door bedrijven die meer oog hebben voor hun commerciële belangen dan voor de kwaliteit van de uitvoering, is voor ons onaanvaardbaar. Er dreigt op die manier een tweedeling te ontstaan tussen de ”goede” risico’s die de commercie gaat verzekeren en de ”slechte” die de markt niet wenst te verzekeren en waar de overheid dan mogelijkerwijs weer haar verantwoordelijkheid voor mag nemen. De SP-fractie is het overigens wel eens met het kabinet in die zin dat het verstandig is de beoordeling niet uit handen te geven. Ik vraag de minister-president of de argumentatie die daaraan ten grondslag ligt, niet ook zou moeten gelden als wij het hebben over de uitvoering van de sociale wetten. De SP-fractie is het anderzijds eens met de vakbonden dat de huidige voorstellen zullen leiden tot meer bureaucratie en onduidelijkheid en daarom moeten worden afgewezen. De conclusie van de SP-fractie: beoordeling en uitvoering behoren niet te worden overgeleverd aan de marktwerking. De door Paars I geraamde groei voor de zorg van 1,3% bleek veel te laag. De problemen zijn immers toegenomen. Ik wijs op groeiende werkdruk, groeiende wachtlijsten en verschraling van de zorg. De voorstellen in de Miljoenennota zijn gelukkig realistischer, al is de SP-fractie ervan overtuigd dat het weer niet genoeg is. Met name uit de hoek van de geestelijke gezondheidszorg en de ouderenzorg komen berichten dat de budgetten nog steeds te laag zijn. Kan de minister-president garanderen, net als gisteren de minister bij NOVA deed, dat met het voorgestelde budget de problemen in de zorg opgelost worden? Ik denk daarbij met name aan de wachtlijsten. Kan hij vertellen wanneer dat punt precies bereikt zal worden? Wat gebeurt er indien er tegenvallers blijken te zijn? Er zijn allerlei theorieën over. Moeten die tegenvallers worden opgevangen binnen het budget of zijn er andere mogelijkheden?
Mevrouw de voorzitter! De regering wil investeren in ”een kwalitatief goed en toereikend aanbod van zorg”, staat in de Miljoenennota. Bij het lezen van die zin moest ik – en met mij waarschijnlijk meer leden van deze Kamer – onwillekeurig denken aan de recente berichten over de problemen bij de opvang van verstandelijk gehandicapten. Hoezo kwalitatief goede zorg, als wij nog steeds mensen niet de zorg kunnen geven die zij nodig hebben en waar zij eigenlijk gewoon recht op hebben? Hoezo een toereikend aanbod, als zelfs moet worden overgegaan tot het nemen van vrijheidsbeperkende maatregelen – wat een eufemisme – terwijl dit op medische gronden strikt genomen niet nodig is? Ik citeer een directeur uit de gehandicaptenzorg: ”Het feit dat je mensen vastbindt en opsluit terwijl het niet hoeft, simpelweg omdat je niet in staat bent goed personeel in te zetten, is te beschamend voor woorden.” Ik vraag de minister-president hoe hij denkt een einde te kunnen maken aan deze naar mijn mening mensonwaardige toestanden. Dat het niet altijd mogelijk is menswaardige zorg te bieden, heeft zijn weerslag – ik heb dit jaren in de Kamer gezegd – op het personeel en de werving van nieuw personeel. Veel werkers zijn alleen in staat tot het hoogst noodzakelijke en dat is voor betrokkenen buitengewoon frustrerend. Dit was een van de belangrijkste drijfveren achter de massale acties dit voorjaar. Ook de problemen bij werving van mensen voor de zorg hebben hier alles mee te maken. Als het kabinet deze analyse deelt, moet het zich houden aan de toezeggingen die zijn gedaan aan de vooravond van de verkiezingen in een extra algemeen overleg. Ik sluit mij aan bij de heer De Hoop Scheffer, de heer Rosenmöller en anderen die gezegd hebben: die 200 mln. moet er gewoon komen. Ik ga ervan uit dat het kabinet daar aanstaande vrijdag toe besluit. Toch wil ik van de minister-president horen, als het kan morgen, of het gaat gebeuren, of als dat zo is, het mogelijk wordt een marktconforme CAO voor 1999 te realiseren en of die gelden ten koste gaan van het realiseren van de andere plannen in de zorg.
Mevrouw de voorzitter! Handhaving van de openbare orde en veiligheid is een kerntaak van de overheid. Dat is niet een zin die ik bedacht heb. Volgens mij heeft de heer Dijkstal, als voormalig minister van Binnenlandse Zaken, deze zin meer dan eens uitgesproken. Het kabinet wil nu bezien of bij evenementen de kosten van de politie kunnen worden doorberekend. Volgens de SP-fractie begeven wij ons hiermee op een hellend vlak. Het feit dat seksbazen in het Spijker kwartier van Arnhem, onder verwijzing naar zo’n regeling van de gemeente Arnhem met het Gelredome, nu ook aanspraak denken te kunnen maken op betaalde surveillance in het Spijkerkwartier, maakt dat wel duidelijk. De politie is niet te koop; niet figuurlijk en niet letterlijk. In de Miljoenennota wekt de regering de indruk dat het met het onderwijs de goede kant opgaat. Paars II probeert ons ervan te overtuigen dat het net op tijd wakker is geworden. Maar met 450 mln. voor 1999 en de 1,8 mld. extra over vier jaar is het achterstallig onderhoud, waar in het hele onderwijs sprake van is, niet weg te werken. Mag ik de minister-president er nogmaals aan herinneren dat volgens het laatste OESO-rapport Nederland met 5,4% van het BBP aan onderwijsuitgaven nog steeds achterblijft bij het OESO-gemiddelde dat immers op 6% ligt? Minstens het dubbele van de intensiveringen, maar waarschijnlijk meer, is nodig. Niet alleen om de vernieuwingen waartoe in de vorige periode is besloten, uit te voeren, maar ook om de kwaliteit van het bestaande onderwijsaanbod te garanderen. Zonder extra middelen duurt de roofbouw op het onderwijs voort. Waarom is het kabinet het oneens met de voormalige bewindslieden, de minister en staatssecretaris van Onderwijs, die voor de verkiezingen beiden benadrukten dat Nederland moet streven naar een niveau van onderwijsuitgaven dat minimaal gelijk is aan het OESO-gemiddelde? Moest of wilde mevrouw Netelenbos daarom weg bij Onderwijs? Was zij bang voor haar geloofwaardigheid, net als mijnheer Pronk en mevrouw De Boer?
Mevrouw de voorzitter! In dit verband wil ik de minister-president, net als anderen, nog eens wijzen op de cijfers die ons ter ore zijn gekomen van de AOB. Deze vakorganisatie meldt dat wij in het jaar 2002 mogelijk te maken krijgen met een tekort van maar liefst 40.000 leerkrachten voor basis- en voortgezet onderwijs. Dit lijkt mij alarmerend en schreeuwen om een reactie van de minister-president. De ernst van de problemen in het beroepsonderwijs en de volwasseneneducatie wordt onvoldoende onderkend. De 96 mln. die wordt uitgetrokken voor het wegwerken van de achterstanden in de apparatuursituatie – ik heb het woord niet zelf bedacht – steekt schril af tegen de 510 mln. die volgens de BVE-raad minimaal nodig is. Ik denk aan het dreigend tekort aan personeel, de noodzaak van her- en bijscholing van het personeel, te weinig geld voor de verdere invoering van ICT en voor het verhogen van het aantal contact-uren. Zo blijft het beroepsonderwijs het zorgenkindje van Paars, en dat terwijl in deze sector vaak zwakke of praktisch ingestelde leerlingen de kans moeten krijgen een beroepskwalificatie te verwerven. In een spotje van de Partij van de Arbeid op de tv hoorde ik de minister-president zeggen, dat ouders zich niet moeten schamen wanneer hun kind naar het beroepsonderwijs gaat. Ik ben dat hartgrondig met de minister-president eens. Maar ik vraag mij af of de minister-president en het kabinet zich dan niet moeten schamen als het met het beroepsonderwijs zo ontzettend slecht gaat in het land. Het hoger onderwijs ziet zich door tekortschietende financiering door de overheid genoodzaakt allianties aan te gaan met het bedrijfsleven. Volgens mevrouw Van Rooy, bestuursvoorzitter van de Katholieke Universiteit Brabant, komt inmiddels 20% van de financiering van die kant. En ook de voorzitter van de VSNU, Meijerink, noemt het onvermijdelijk dat universiteiten hun heil zoeken in sponsoring en contractonderzoek. Volgens de VSNU is er door de toegenomen behoefte aan hoger opgeleiden verruiming van het budget met maar liefst 600 mln. nodig en is er zeker geen ruimte om, zoals het kabinet wil, 300 mln. te besparen. Een overheid die universiteiten aan hun lot overlaat, geeft geen richting meer aan onderwijs en onderzoek en vormt eigenlijk een bedreiging voor de onafhankelijke wetenschap. Hoezo moest de Rijksuniversiteit Leiden Universiteit Leiden worden? Wat vindt de minister-president van de vercommercialisering van het hoger onderwijs? De belangrijkste pijler onder het milieubeleid in het komend jaar is de gefaseerde uitbreiding van de ecotaks. Die moet 1,1 mld. opbrengen, waarvan tweederde door de huishoudens en eenderde door het midden- en kleinbedrijf moeten worden opgebracht. Maar het grootbedrijf blijft bij de ecotaks volledig buiten schot. Dat is onbegrijpelijk en ongeloofwaardig, als de naaste adviseurs van het kabinet constateren: ”Vanuit het oogpunt van effectiviteit zouden heffingen juist toegepast moeten worden bij grote verbruikers, die (op termijn) sterker reageren op hogere prijzen.” U kunt het allemaal nalezen in de Nationale energieverkenningen. Ook de Raad van State wijst in zijn advies op deze rare tegenstelling. De energieprijzen voor grootverbruikers zijn, in tegenstelling tot eerdere mededelingen van het kabinet, in Nederland lager dan in onze buurlanden. Ook de partij van de minister-president weet dit, want in het verkiezingsprogramma staat: ”Ook is het wenselijk, en naar de mening van de PvdA redelijk, de energieprijzen (inclusief ecotax) voor grootverbruikers te verhogen naar een internationaal concurrerend niveau.” Ik stel op persoonlijke titel vast dat dit nu in ieder geval niet aan de orde is. Ik vraag de minister-president dan ook of hij bereid is een eind te maken aan de uitverkoopprijzen ten opzichte van onze buurlanden. Mevrouw de voorzitter! Natuurlijk heeft milieuminister Pronk gelijk dat het beter is als er niet binnenlands wordt gevlogen. Maar veel beter is het nog als er echte maatregelen worden genomen. Als Nederland gidsland wil zijn, zoals de minister zegt, dan moet er accijns op kerosine komen en BTW op vliegtickets. Komt er, zo vraag ik de minister-president, in deze regeerperiode een einde aan de uitzonderingspositie voor Schiphol of blijven we extra vluchten, extra geluidsoverlast en blijkens het RIVM-rapport ook grote onveiligheid van Schiphol gedogen? Voor mijn fractie is dat onaanvaardbaar; vanzelfsprekend onaanvaardbaar uit milieuoogpunt, maar zeker ook, sprekend over deze concrete kwestie, uit een oogpunt van fatsoenlijk bestuur, gezien alle toezeggingen in het verleden gedaan. Onaanvaardbaar is naar de mening van mijn fractie ook de struisvogelpolitiek met betrekking tot de Betuwelijn. Van verschillende kanten, onder meer van de toekomstige gebruikers, de verladers, georganiseerd in de EVO, wordt aangegeven dat die lijn niet rendabel zal worden. Ook wordt niet voldaan aan de voorwaarden die de commissie-Hermans stelde aan een succesvolle Betuwelijn. In tegenstelling tot de voorwaarden die hij formuleerde, is er geen private financiering en wordt het wegvervoer niet extra belast. Daar komt nog bij dat de binnenvaart, door de ontwikkelingen in die sector, een steeds beter alternatief wordt. Ons devies was en is dan ook nog steeds: ”laat de Betuwelijn varen”. Ik zou de minister-president daarom willen vragen of hij bereid is de Betuwelijn te heroverwegen onder het motto: beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald.
Mevrouw de voorzitter! Dan de huursector. De gemiddelde huurverhoging is in de afgelopen acht jaar gedaald en bedroeg dit jaar ”slechts” 3,3%. Maar is dit reden tot tevredenheid, zo vraag ik, instemmend met wat de heer Melkert hierover heeft gezegd. Met andere woorden: accepteren wij een huurverhoging die 70% hoger is dan de inflatie of inden wij dat ongewenst? Wel, de SP-fractie vindt dat ongewenst. Overigens, mevrouw de voorzitter, had in 1990 nog 85% van de huurwoningen een huur onder de ƒ 600. Zes jaar later was dit percentage gedaald tot slechts 47. De categorie boven de ƒ 700 is in diezelfde periode gestegen van 6% naar maar liefst 32%. Echter, de groep mensen die aangewezen zijn op de sociale huursector, is de laatste jaren met 60.000 gestegen. Dit komt doordat het gemiddeld besteedbaar huishoudensinkomen, na correctie voor de inflatie, hoegenaamd niet is toegenomen. Waarom doet het kabinet in de Miljoenennota geen enkel voorstel om de kloof tussen de groeiende doelgroep aan de ene kant en de krimpende hoeveelheid betaalbare woningen aan de andere kant te dichten? Met betrekking tot de bevriezing van de maximale huurgrens op ƒ 1085 wil ik er nog op wijzen dat er terecht door velen binnen en buiten deze Kamer gepleit wordt voor differentiatie in wat dan heet: armere wijken en rijkere wijken. Maar deze differentiatie wordt onmogelijk gemaakt wanneer de bevriezing van die grens op ƒ 1085 niet ongedaan gemaakt wordt. Immers, binnen vijf jaar zullen dan 30.000 huurders zich genoodzaakt zien te verhuizen en in tien jaar tijd zal nog slechts een kwart van de sociale huursector aanspraak kunnen maken op huursubsidie.
Mevrouw de voorzitter! Ik kom tot mijn slot, naar ik meen binnen de tijd…
De voorzitter: Ik zou daar de aandacht maar niet op vestigen, als ik u was.
De heer Marijnissen (SP): Pardon, ik dacht dat ik om half negen begonnen was.
Mevrouw de voorzitter! Paars II gaat verder waar Paars I gestopt is. Een visie op mens en samenleving, op de gewenste toekomst voor Nederland, een Paars wenkend perspectief misschien, ontbreekt. En daarom lijkt mij het volgende citaat van Jürgen Habermas op zijn plaats: ”Als de utopische oasen uitdrogen, ontstaat een woestijn van banaliteit en radeloosheid.” We deinen roerloos op de golven van internationale ontwikkelingen, terwijl het kabinet probeert er het beste van te maken. Voor de SP-fractie is dat echter onvoldoende. Wrijven helpt niet meer, de problemen zijn te groot. Op de winkel passen is echt iets anders dan besturen en dus vooruitzien. De problemen op tal van terreinen worden inmiddels wel onderkend omdat ontkennen geen zin meer heeft, maar aanpakken van die problemen is een ander hoofdstuk, een hoofdstuk dat Paars waarschijnlijk wel nooit meer zal schrijven. Het neoliberale denken is inmiddels zo verankerd in de Paarse coalitie, dat er ook komend jaar geen trendbreuk is met het verleden. De premier heeft ons gevraagd hem en zijn kabinet te beoordelen op zijn daden. Welaan, wat mijn fractie betreft is dat prima en zij zal het kabinet blijven achtervolgen met de gevolgen van het Paarse beleid, terwijl we tegelijkertijd hopen de mensen in het land duidelijk te kunnen maken dat het echt anders en beter kan.

Tweede termijn

De heer Marijnissen (SP): Mevrouw de voorzitter! Ik wil beginnen met de transactietaks die de SP-fractie heeft voorgesteld om de vrijheid van speculanten en het kapitaalverkeer in het algemeen in te perken. Er is een schriftelijk antwoord gekomen van het kabinet. De laatste zin luidt: “Desalniettemin verdienen in het licht van de huidige discussie over de internationale financiële architectuur alle opties bestudering.” Ik vroeg mij af, vrij naar Melkert, of dat betekent dat ik er ook nooit meer iets van hoor en dat ik het op mijn buik kan schrijven. Ik wil concreet van de minister vernemen of wij er hier ooit nog iets van vernemen en of wij ooit nog in staat worden gesteld te debatteren over een voorstel van het kabinet. Een van de vele punten die ik in eerste termijn heb ingebracht en waarover de minister-president in zijn mondelinge beantwoording in ieder geval niets heeft gezegd, betreft de ecotaks of beter gezegd de tarieven van de grootverbruikers van gas en elektra. In de schriftelijke beantwoording wordt gesuggereerd dat er toch het een en ander wordt gedaan, want het bedrag tot waar betaald moet worden, is immers verhoogd. Als wij dat echter afzetten tegen de grote gas- en elektraverbruikers, dan moet ik vaststellen dat het een minimale maatregel is. Ik ben met de Raad van State van mening dat het toch heel raar is dat wij dit zo laten voortbestaan. Ik wil een rapport onder de aandacht brengen van het kabinet en de Kamer, genaamd ”Internationale energietariefvergelijkingen op basis van standaardverbruiksituaties, eerste halfjaar 1988”. Daaruit blijkt dat, als je de grootte van de verschillende Europese economieën laat meewegen, in Nederland het gas voor de grootverbruikers 15% en elektra maar liefst 35% goedkoper is dan in het buitenland. De SP-fractie vindt dat onaanvaardbaar, zowel uit milieuoogpunt als uit het oogpunt van publieke financiën. Daarom dien ik de volgende motie in.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende, dat de Raad van State de keuze van het kabinet om de tweede fase ecotaks te beperken tot de kleinverbruikers en het midden- en kleinbedrijf uit milieuoogpunt inconsistent noemt ”omdat de financiële prikkel niet wordt gehanteerd waar hij stellig zou werken en wel gehanteerd wordt waar hij veel minder werkt”;
constaterende, dat in de Nationale energieverkenningen geconcludeerd wordt ”dat vanuit het oogpunt van effectiviteit heffingen juist toegepast moeten worden bij grotere verbruikers, die (op termijn) sterker reageren op hogere prijzen”;
overwegende, dat de elektriciteits- en gastarieven voor grootgebruikers in Nederland momenteel 36% respectievelijk 15% lager zijn dan het gewogen gemiddelde in onze buurlanden;
verzoekt het kabinet zo spoedig mogelijk met voorstellen te komen om de energieprijzen voor grootgebruikers te verhogen naar een internationaal concurrerend niveau, te weten het gemiddelde niveau van onze buurlanden,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Marijnissen. Naar mij blijkt, wordt zij voldoende ondersteund. Zij krijgt nr. 12 (26200).

De heer Marijnissen (SP): Mevrouw de voorzitter! Dan heb ik een motie in verband met de zelfzorgmiddelen, waarop het kabinet 130 mln. denkt te kunnen verdienen.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende, dat een aantal zelfzorgmiddelen, mits verstrekt op voorschrift van een arts, worden vergoed via ziekenfonds of WTZ;
overwegende, dat stopzetten van deze vergoeding leidt tot financiële en/of gezondheidsrisico’s voor chronische patiënten;
overwegende, dat stopzetten van deze vergoeding leidt tot substitutie naar duurdere middelen en dat voor sommige middelen geen medisch verantwoord alternatief bestaat;
verzoekt de regering af te zien van haar voornemen om zelfzorgmiddelen die thans op voorschrift van een arts worden vergoed, uit het ziekenfondspakket en de WTZ te verwijderen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Marijnissen. Naar mij blijkt, wordt zij voldoende ondersteund. Zij krijgt nr. 13 (26200).

De heer Marijnissen (SP): Mevrouw de voorzitter! De heer Melkert heeft een motie ingediend inzake bevriezing van de maximale huurgrens. Mijn fractie heeft daar problemen mee. Ik weet dat het niet erg gebruikelijk is, maar misschien kan de heer Melkert mij verhinderen om zelf een motie in te dienen. In mijn fractie wordt beweerd dat die motie van hem een sigaar uit eigen doos is. De heer Melkert doet een beroep op 25 mln. van de 125 mln. over vier jaar om dit prangende probleem op te lossen. Die 25 mln. is gereserveerd voor huursubsidie om met name de woonlasten van ouderen wat te drukken en de ecotaks te bestrijden. Ik heb dit ook al tegen de minister-president gezegd. Als ik dit helemaal verkeerd begrepen heb, dan wil ik dat graag van de heer Melkert vernemen. Anders dien ik nu mijn motie in.

De heer Melkert (PvdA): Ik doe graag mijn best om het onheil dat nu boven ons hangt, te voorkomen. Bovendien zou ik het ook positief vinden als u onze motie wilt ondersteunen. In het regeerakkoord is geld gereserveerd voor de IHS. Het kabinet heeft nog niet besloten hoe het dat in dat kader gaat aanwenden. Nu lijkt het mij dat de kosten die verbonden zijn met het uitvoeren van mijn motie, indien zij wordt aangenomen, in dat kader gedekt kunnen worden. Het kabinet kan daar nog verder over besluiten. Dat staat niet op gespannen voet met de doelstelling dat het vooral aan ouderen ten goede zou moeten komen. Het zijn namelijk met name ouderen die veel last hebben van de bevriezing van de maximale huurgrens. U hebt dat zelf ook wel eens gezegd. Naar onze mening zou het dus goed kunnen en zou het dus ook kunnen dat u deze motie ondersteunt.

De heer Marijnissen (SP): Mevrouw de voorzitter! Het is in ieder geval de second-bestoplossing. Ik heb hier een schrijven van een van de grootste koepels waarin gesteld wordt dat per jaar een bedrag van 10 mln. nodig is om dit probleem op te lossen. De heer Melkert kan dan wel zeggen dat dit uit die 25 mln. kan – dat is ook waar – maar tegelijkertijd blijft er dan maar 15 mln. over voor specifieke hulp aan ouderen op het punt van hun woonlasten en de ecotaks.

De heer Melkert (PvdA): Ik zou deze kans niet voorbij laten gaan om als SP en PvdA eens gelijk op te trekken.

De heer Marijnissen (SP): Mevrouw de voorzitter! Ik wacht daar al jaren op. Daarom heb ik ook geaarzeld of ik mijn motie op dit punt moest indienen. Ik wilde de heer Melkert de kans geven om mij te overtuigen. Laten wij het erop houden dat hij daarin geslaagd is. Ik wil deze unieke kans ook niet voorbij laten gaan. Wij zullen de zaak verder kritisch volgen. Ik ga verder met de Betuwelijn. De minister-president reageerde buitengewoon geprikkeld op mijn suggestie om alsnog een keer naar de Betuwelijn te kijken. Ik vind dat niet terecht, omdat de vraagtekens die bij dat project geplaatst worden, enorm in aantal toenemen. Ik heb al gewezen op het verhaal van Heertje en Polak in Vrij Nederland. Vanavond hebben wij in NRC Handelsblad kunnen lezen dat bij de voorfinanciering waar de minister-president in zijn beantwoording in eerste termijn over sprak, grote vraagtekens geplaatst moeten worden, omdat daar nu 1,6 mld. uit het Aardgasbatenfonds voor gebruikt wordt. Er is geen sprake van private financiering. Verder heeft zich nog geen exploitant gemeld. Kortom, als blijkt dat er geen enkel particulier persoon, bedrijf of instelling bereid is om mee te doen aan dit project, wanneer breekt voor het kabinet dan alsnog het moment aan om het te cancelen, voorzover die lijn dan al niet is aangelegd? Ik heb vernomen dat er cijfers zouden bestaan over de rentabiliteit van de Betuwelijn na het jaar 2010. Ik wil dat graag verifiëren bij de minister-president. Iedereen weet dat de Betuwelijn tot 2010 niet rendabel zal zijn, maar daarna zou dat wel het geval zijn. Zijn die cijfers inderdaad beschikbaar? Is het juist dat die tot op heden niet openbaar zijn gemaakt en, zo ja, waarom niet? Mijn volgende vraag is dan natuurlijk wanneer daar verandering in kan komen.

Mevrouw de voorzitter! Toch nog iets aan het adres van de minister-president over de minima. Ik moet vaststellen dat er in periodes van hoogconjunctuur voor de minimuminkomens hoegenaamd niets meer in het vat zit. Is er een dreiging van recessie, dan geldt hetzelfde. Is er een recessie, dan is er ook geen extra geld. Wij zien dat nu jaar op jaar gebeuren. Dat gebeurt ook met de lonen, waar steeds maar loonmatiging moet worden bepleit. Het kabinet probeert ons nu blij te maken met een knip in de eerste schijf. Ik heb de minister-president gevraagd hoe het zit met de ecotaks. Hij zei daarop dat de knip in de eerste schijf voor 100% naar de mensen gaat, waar nog een vergoeding voor de ecotaks overheen komt. In de MEV lees ik dat het tarief van schijf 1A 1,3% lager komt te liggen dan het tarief van schijf 1B, waarin de terugsluis van de energieheffingen aan gezinnen tot uiting komt. Bovendien biedt het grotendeels compensatie ad 35 mld. voor de stijging van sociale premies. Ik hoor hierop graag een reactie van de minister-president.

Mevrouw de voorzitter! Voor mijn fractie onvermijdelijk nog iets over de hypotheekrenteaftrek. De Raad van State heeft de nodige kritiek geuit, met name in Europees perspectief. Daarom wil mijn fractie de volgende motie indienen.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende, dat de hoogste inkomens met de duurste woningen het grootste voordeel genieten van de fiscale aftrek van hypotheekrente;
constaterende, dat de Raad van State van mening is dat ”de wijze waarop de eigen woning in de heffing wordt betrokken op den duur niet buiten beschouwing kan worden gelaten”;
van mening, dat met name de excessieve aftrek van zeer hoge hypotheekbedragen tegen het tarief van de hoogste belastingschijf dient te worden beperkt;
verzoekt het kabinet zo spoedig mogelijk met voorstellen te komen om hypotheekrenteaftrek te beperken, in de vorm van een maximering van de aftrekbare som,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Marijnissen. Naar mij blijkt, wordt zij voldoende ondersteund. Zij krijgt nr. 14 (26200).

De heer Marijnissen (SP): Ik zag zelfs ondersteuning van mijn motie bij de PvdA-fractie! Of dat echt zo is, blijkt straks bij de stemmingen. Mevrouw de voorzitter! Ik heb in eerste termijn gezegd dat Paars II in grote lijnen een voortzetting is van Paars I. Hoe wij daarover dachten, is algemeen bekend. Zeker, er zijn intensiveringen gekomen; het was niet langer mogelijk op een aantal heel belangrijke punten de problemen in de samenleving te ontkennen. Maar veel van waarmee men over de brug is gekomen, is te laat en vooral te weinig. Zoals ik al eerder heb gezegd, weigert Paars het geld nog steeds te halen waar het zit, zodat de sociale minima niet omhooggaan en nog langer in armoede zullen moeten leven. Het zal duidelijk zijn: mijn fractie zal doorgaan met de consequente strijd tegen Paars, en vooral ook tegen de gevolgen van het beleid van Paars.

Opties voor delen:
  • NuJIJ
  • eKudos
  • del.icio.us
  • Digg
  • Google Bookmarks
  • email

Reacties uitgeschakeld