Het onzinnige en dure dualisme

De gemeenteraden in ons land zijn intern gerichte vergaderclubs geworden die onvoldoende in contact staan met de burgers die ze vertegenwoordigen. Die onnodig grote vergadercultuur kost jaarlijks bijna 40 miljoen euro aan belastinggeld. (Telegraaf)

Volgens Erwin Snijder – directeur van Daadkracht, het onderzoeksbureau dat onderzoek deed naar de tijdsbesteding van raadsleden – is dualisme hier voor een groot deel verantwoordelijk voor.

In december 2005 schreef ik het volgende over dit onnodige en geldverslindende stukje bestuurlijke vernieuwing:

Het chaotische dualisme

Sinds vier jaar kennen we op lokaal niveau een zogenaamd dualistisch bestel. Dat wil zeggen: College van B&W en gemeenteraad staan tégenover elkaar in plaats van dat samenwerking ten behoeve van het belang van de stad centraal staat.

De SP was tegen deze vergaande politisering van het gemeentelijk bestuur. We zagen aankomen dat het een chaos zou worden, en dat het doel – verkleining van de kloof tussen burger en bestuur – nooit gehaald zou worden. Het lijkt erop dat we steeds meer gelijk krijgen. De burger snapt er geen hout van, bijvoorbeeld dat de raad over een onderwerp kan vergaderen zonder dat de wethouder die erover gaat aan het woord komt.

Het werk van de raadsleden is veel zwaarder geworden. Het motto lijkt te zijn: Hoe meer we vergaderen hoe beter het is. Ik ben zelf zeventien jaar gemeenteraadslid geweest – ik spreek dus uit ervaring – en weet: Dat motto deugt niet. Het dualisme is ook nog erg duur. Meer geld voor de fracties, voor ondersteuning, voor veel meer papier, geld voor een rekenkamer, een eigen griffie voor de raad, enzovoorts.

Het dualisme op gemeentelijk niveau is een fiasco en moet worden teruggedraaid. Het was ooit een speeltje van de nieuwlichters, velen zonder enige ervaring in de gemeentepolitiek. NOVA meldde gisteravond dat in één periode een kwart van de wethouders ten val gebracht is of zelf vertrokken is, niet zelden uit onvrede over de slechte kwaliteit van het bestuur en de raad.

Het misverstand waar al dit gedoe uit voort komt, is dat men dacht (en denkt) dat het probleem in de structuur zat (zit). Daar zat het probleem níet, het probleem zat ‘m in raadsleden die zich te goed voelen om de burgers te vertegenwoordigen, ze op de hoogte te houden, en ze bij hun werk te betrekken. Veel raadsleden doen liever hun eigen ding, op het gemeentehuis en zonder inmenging van de mensen. Dát was en is vaak nog steeds het probleem!

Opties voor delen:
  • NuJIJ
  • eKudos
  • del.icio.us
  • Digg
  • Google Bookmarks
  • email

maandag 14 april 2008 :: 11.35 uur

Reacties uitgeschakeld