Marijnissen bezorgd over koers NHM

Jan Marijnissen, SP-kamerlid en initiatiefnemer van het Nationaal Historisch Museum, is niet gelukkig met de wijze waarop dit museum vorm krijgt. De vestigingsplaats is verkeerd gekozen en de nadruk is te veel op kinderen en jongeren komen te liggen. De jongste plannen van de directeuren Schilp en Byvanck vindt Marijnissen interessant, maar hij mist de inbreng van vakhistorici. ‘Laten we ons hoeden voor het hobbyisme van een stel nieuwlichters.’

Historisch Nieuwsblad, 11 december 2008

Marijnissen lanceerde het idee voor het Nationaal Historisch Museum in 2003. Dat het museum er daadwerkelijk komt, is te danken aan de motie die hij en de toenmalige CDA-fractievoorzitter Maxime Verhagen in 2006 door de Tweede Kamer loodsten. ‘Ik heb vanaf het begin gezegd dat ik me niet wilde bemoeien met de inhoud van het museum,’ zegt Marijnissen. ‘Maar ik maak me zorgen.’

De eerste fout was volgens Marijnissen de keuze voor VVD-kamerlid Atzo Nicolaï als voorzitter van de raad van toezicht. ‘Het NHM mag geen instrument van partijpolitiek worden. Een historicus had voorzitter moeten worden. Ook ben ik ontevreden met de keuze voor Arnhem als vestigingsplaats. Die stad had de persoonlijke voorkeur van minister Plasterk, omdat zijn kinderen een bezoekje aan het NHM graag combineren met de dierentuin. Ik hoor vaak dat het NHM gericht is op kinderen. Terwijl het een museum moet worden voor jong én oud.’

Verder vindt Marijnissen het raar dat mensen die eerder tegen het NHM waren, nu een rol spelen bij de uitvoering. ‘Dat geldt bijvoorbeeld voor Pauline Kruseman, de directeur van het Amsterdam Historisch Museum, die in de raad van toezicht zit. Ook Erik Schilp, de directeur van het Zuiderzeemuseum, was tegen het NHM.’ Schilp is benoemd tot directeur van het NHM, samen met Valentijn Byvanck van het Zeeuws Museum.

Vorige maand testte Historisch Nieuwsblad (nummer 9, 2008) de huidige musea van Schilp en Byvanck. Beide directeuren kregen een onvoldoende. ‘Daar ik ben van geschrokken,’ zegt Marijnissen. ‘Schilp en Byvanck halen hun neus op voor geschiedenis.’ Volgens de initiatiefnemer kan het NMH niet zonder een vaste tentoonstelling waarin de Nederlandse geschiedenis chronologisch wordt verteld. ‘Zonder die elementaire informatie ben je als bezoeker hulpeloos.’

Schilp en Byvanck daarentegen schotelen hun bezoekers een mix van oude en moderne kunstobjecten voor, zonder veel achtergrondinformatie. Urker visserskostuums naast haute couture. ‘Daar ben ik niet voor’, zegt Marijnissen. ‘Doe dat maar in het textielmuseum. Laten we ons hoeden voor het hobbyisme van een stel nieuwlichters.’

Beeldenmakers
Inmiddels heeft het tweetal zijn visie voor het NHM gepubliceerd. Persoonlijke beleving en identiteit van de bezoeker staan daarin centraal. In plaats van één chronologische geschiedenis van Nederland willen Schilp en Byvanck het verleden thematisch presenteren aan de hand van vijf ‘werelden’. Marijnissen zegt de plannen niet bij voorbaat te willen neersabelen. ‘Er zitten interessante voorstellen bij. Veel zal afhangen van de vervolgkeuzes en de uitvoering.’

Zoals verwacht mocht worden, leggen Schilp en Byvanck in hun plannen veel nadruk op het visuele. ‘Het NHM nodigt kunstenaars, vormgevers, filmmakers en andere beeldenmakers uit om werk te maken dat de ervaring van de bezoeker verrijkt,’ schrijven zij. Over historici wordt in de plannen niet gerept. Dat laatste verbaast Marijnissen. ‘Historici moeten in het NHM de eerste viool spelen, nu en in de toekomst. Zij gaan over de inhoud. Anderen, waaronder kunstenaars, kunnen vervolgens bijdragen aan de vormgeving. Ik zou het een welkome verrijking vinden wanneer aan het museum een werkplaats voor historici zou worden verbonden.’

Bezoekers van het NHM die de historische achtergronden willen weten, zullen die moeten opvragen via hun ‘digitale drager’. Het lijkt erop dat de geschiedenis zo een voetnoot wordt bij het beeld, en daarover is Marijnissen kritisch. ‘Inzicht en begrip van het verleden begint met kennis.’ Ook het plan voor een ‘Land van Als’, waarin bezoekers kunnen speculeren over hoe Nederland eruit zou zien als de geschiedenis anders was verlopen, valt niet goed. ‘Begrip van de echte geschiedenis is al moeilijk genoeg.’

Volgens Marijnissen moet er een curatorium van zo’n veertig à vijftig mensen komen, die de koers van het NMH bewaakt. ‘Daar kunnen personen bij zijn die door de politieke partijen worden aangewezen. Geen politici, maar historici die het vertrouwen van de politiek hebben. Als het fout gaat, kunnen die mensen tijdig aan de bel trekken.’

Door: Bas Kromhout

Opties voor delen:
  • NuJIJ
  • eKudos
  • del.icio.us
  • Digg
  • Google Bookmarks
  • email

donderdag 11 december 2008 :: 11.51 uur

Reacties uitgeschakeld